Plaag bij Baäl-Peor gestopt door Pinechas

Type: Wonder
Categorie: Oordeel
Volgorde: 58
Jaar: 2514 1491 BC
Locatie: Moab

Israël begon met Moabitische vrouwen te hoereren en Baäl te aanbidden, waarna God een plaag over het volk zond. Pinechas doodde een Israëliet en een Midjanitische vrouw, waarna de plaag ophield; vierentwintigduizend mensen waren gestorven.

Bijbelverzen

Num 25:1-9
1En Israel verbleef te Sittim, en het volk begon te hoereren met de dochteren der Moabieten. 2En zij nodigden het volk tot de slachtofferen harer goden; en het volk at, en boog zich voor haar goden. 3Als nu Israel zich koppelde aan Baal-Peor, ontstak de toorn des HEEREN tegen Israel. 4En de HEERE zeide tot Mozes: Neem alle hoofden des volks, en hang ze den HEERE tegen de zon, zo zal de hittigheid van des HEEREN toorn gekeerd worden van Israel. 5Toen zeide Mozes tot de rechters van Israel: Een iedere dode zijn mannen, die zich aan Baal-Peor gekoppeld hebben! 6En ziet, een man uit de kinderen Israels kwam, en bracht een Midianietin tot zijn broederen voor de ogen van Mozes, en voor de ogen van de ganse vergadering der kinderen Israels, toen zij weenden voor de deur van de tent der samenkomst. 7Toen Pinehas, de zoon van Eleazar, den zoon van Aaron, den priester, dat zag, zo stond hij op uit het midden der vergadering, en nam een spies in zijn hand; 8En hij ging den Israelietischen man na in de hoerenwinkel, en doorstak hen beiden, den Israelietischen man en de vrouw, door hun buik. Toen werd de plaag van over de kinderen Israels opgehouden. 9Degenen nu, die aan de plaag stierven, waren vier en twintig duizend.

Betrokken personen