Vraag naar het gezag van Jezus
En zij kwamen wederom te Jeruzalem. En als Hij in den tempel wandelde, kwamen tot Hem de overpriesters en de Schriftgeleerden en de ouderlingen, en zeiden tot Hem: Door wat macht doet Gij deze dingen? En wie heeft U deze macht gegeven dat Gij deze dingen doen zoudt? En Jezus antwoordde: De doop van Johannes, was die uit den hemel of uit de menschen? Antwoordt Mij. En zij overlegden onder zich zelven en zeiden: Zoo wij zeggen: Uit den hemel, zoo zal Hij zeggen: Waarom hebt gij hem dan niet geloofd? En zij antwoordden: Wij weten het niet.
Jaar
4034 30 AD
Personen
Plaatsen
Bijbelverzen
Mar 11:27-33
27En zij kwamen wederom te Jeruzalem. En als Hij in den tempel wandelde, kwamen tot Hem de overpriesters, en de schriftgeleerden, en de ouderlingen. 28En zeiden tot Hem: Door wat macht doet Gij deze dingen? En wie heeft U deze macht gegeven, dat Gij deze dingen doen zoudt? 29Maar Jezus, antwoordende, zeide tot hen: Ik zal u ook een woord vragen; antwoordt Mij ook, en zo zal Ik u zeggen, door wat macht Ik deze dingen doe: 30De doop van Johannes, was die uit den hemel, of uit de mensen? Antwoordt Mij. 31En zij overlegden onder zich, zeggende: Indien wij zeggen: Uit den hemel, zo zal Hij zeggen: Waarom hebt gij hem dan niet geloofd? 32Maar indien wij zeggen: Uit de mensen; zo vrezen wij het volk; want zij hielden allen van Johannes, dat hij waarlijk een profeet was. 33En, antwoordende, zeiden zij tot Jezus: Wij weten het niet. En Jezus, antwoordende, zeide tot hen: Zo zeg Ik u ook niet, door wat macht Ik deze dingen doe.