Vierde profetie van Bileam: toekomst der volken

Bileam spreekt nog een laatste profetie uit over Amalek, de Kenieten en Assur. Amalek wordt het begin der heidenen genoemd maar zal ten verderve gaan. Assur zal Eber verdrukken maar ook zelf vergaan.

Jaar
2309 1696 BC

Personen

Bijbelverzen

Num 24:14-25
14En nu, zie, ik ga tot mijn volk; kom, ik zal u raad geven, en zeggen wat dit volk uw volk doen zal in de laatste dagen. 15Toen hief hij zijn spreuk op, en zeide: Bileam, de zoon van Beor, spreekt, en die man, wien de ogen geopend zijn, spreekt! 16De hoorder der redenen Gods spreekt, en die de wetenschap des Allerhoogsten weet; die het gezicht des Almachtigen ziet, die verrukt wordt, en wien de ogen ontdekt worden. 17Ik zal hem zien, maar nu niet; ik aanschouw Hem, maar niet nabij. Er zal een ster voortkomen uit Jakob, en er zal een scepter uit Israel opkomen; die zal de palen der Moabieten verslaan, en zal al de kinderen van Seth verstoren. 18En Edom zal een erfelijke bezitting zijn; en Seir zal zijn vijanden een erfelijke bezitting zijn; doch Israel zal kracht doen. 19En er zal een uit Jakob heersen, en hij zal de overigen uit de steden ombrengen. 20Toen hij de Amalekieten zag, zo hief hij zijn spreuk op, en zeide: Amalek is de eersteling der heidenen; maar zijn uiterste is ten verderve! 21Toen hij de Kenieten zag, zo hief hij zijn spreuk op, en zeide: Uw woning is vast, en gij hebt uw nest in een steenrots gelegd. 22Evenwel zal Kain verteerd worden, totdat u Assur gevankelijk wegvoeren zal! 23Voorts hief hij zijn spreuk op, en zeide: Och, wie zal leven, als God dit doen zal! 24En de schepen van den oever der Chitteers, die zullen Assur plagen, zij zullen ook Heber plagen; en hij zal ook ten verderve zijn. 25Toen stond Bileam op, en ging heen, en keerde weder tot zijn plaats. Balak ging ook zijn weg.