Verkiezing van de twaalf apostelen
Jezus gaat uit op den berg om te bidden en brengt den nacht door in het gebed Gods. Als het dag wordt, roept Hij Zijn discipelen tot Zich en verkiest er twaalf uit hen, die Hij ook apostelen noemt. Lukas geeft de volledige namenlijst.
Jaar
4032 28 AD
Personen
Plaatsen
Bijbelverzen
Luc 6:12-16
12En het geschiedde in die dagen, dat Hij uitging naar den berg, om te bidden, en Hij bleef den nacht over in het gebed tot God. 13En als het dag was geworden, riep Hij Zijn discipelen tot Zich, en verkoos er twaalf uit hen, die Hij ook apostelen noemde: 14Namelijk Simon, welken Hij ook Petrus noemde; en Andreas zijn broeder, Jakobus en Johannes, Filippus en Bartholomeus; 15Mattheus en Thomas, Jakobus, den zoon van Alfeus, en Simon genaamd Zelotes; 16Judas, den broeder van Jakobus, en Judas Iskariot, die ook de verrader geworden is.