Teruggave van de tempelvoorwerpen
Kores laat de gouden en zilveren voorwerpen van de tempel, die Nebukadnezar naar Babel had gevoerd, terugbrengen. In totaal 5.400 stuks worden overhandigd aan Sesbazar, de vorst van Juda.
Jaar
3225 780 BC
Bijbelverzen
Ezra 1:5-11
5Toen maakten zich op de hoofden der vaderen van Juda en Benjamin, en de priesteren en de Levieten, benevens een iegelijk, wiens geest God verwekte, dat zij optrokken om te bouwen het huis des HEEREN, die te Jeruzalem woont. 6Allen nu, die rondom hen waren, sterkten hunlieder handen met zilveren vaten, met goud, met have, en met beesten, en met kostelijkheden; behalve alles, wat vrijwillig gegeven werd. 7Ook bracht de koning Kores uit, de vaten van het huis des HEEREN, die Nebukadnezar uit Jeruzalem had uitgevoerd, en had gesteld in het huis zijns gods. 8En Kores, de koning van Perzie, bracht ze uit door de hand van Mithredath, den schatmeester, die ze aan Sesbazar, den vorst van Juda, toetelde. 9En dit is hun getal: dertig gouden bekkens, duizend zilveren bekkens, negen en twintig messen; 10Dertig gouden bekers, vierhonderd en tien andere zilveren bekers; andere vaten, duizend. 11Alle vaten van goud en van zilver waren vijf duizend en vierhonderd; deze alle voerde Sesbazar op, met degenen, die van de gevangenis opgevoerd werden, van Babel naar Jeruzalem.