Sauls jaloezie op David — het lied der vrouwen
De vrouwen zingen bij Davids terugkeer: 'Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden.' Saul ontsteekt in toorn: 'Zij hebben David tienduizenden gegeven en mij duizenden. Er is nog alleen het koningschap over.' Van die dag af beziet Saul David met kwaad oog.
Jaar
2737 1268 BC
Personen
Bijbelverzen
1 Sam 18:5-9
5En David toog uit, overal, waar Saul hem zond; hij gedroeg zich voorzichtiglijk, en Saul zette hem over de krijgslieden; en hij was aangenaam in de ogen des gansen volks, en ook in de ogen der knechten van Saul. 6Het geschiedde nu, toen zij kwamen, en David wederkeerde van het slaan der Filistijnen, dat de vrouwen uitgingen uit al de steden van Israel, met gezang en reien, den koning Saul tegemoet, met trommelen, met vreugde en met muziekinstrumenten. 7En de vrouwen, spelende, antwoordden elkander en zeiden: Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden! 8Toen ontstak Saul zeer, en dat woord was kwaad in zijn ogen, en hij zeide: Zij hebben David tien duizend gegeven, doch mij hebben zij maar duizend gegeven; en voorzeker zal het koninkrijk nog voor hem zijn. 9En Saul had het oog op David, van dien dag af en voortaan.