Salomo's herendienst voor de tempelbouw
Salomo heft een herendienst van dertigduizend man uit heel Israël, die in ploegen van tienduizend per maand naar Libanon gaan. Daarnaast zeventigduizend lastdragers en tachtigduizend houwers in het gebergte.
Jaar
2749 1256 BC
Personen
Plaatsen
Bijbelverzen
1 Kon 5:13-18
13En de koning Salomo deed een uitschot opkomen uit gans Israel; en het uitschot was dertig duizend man. 14En hij zond hen naar den Libanon, tien duizend des maands bij beurten; een maand waren zij op den Libanon; twee maanden elk in zijn huis; en Adoniram was over dit uitschot. 15Daartoe had Salomo zeventig duizend, die last droegen, en tachtig duizend houwers op het gebergte. 16Behalve de oversten van Salomo's bestelden, die over dat werk waren, drie duizend en driehonderd, die heerschappij hadden over het volk, hetwelk dat werk deed. 17Als de koning het nu gebood, zo voerden zij grote stenen toe, kostelijke stenen, gehouwen stenen, om den grond van dat huis te leggen. 18En de bouwlieden van Salomo, en de bouwlieden van Hiram, en de Giblieten behieuwen ze, en bereidden het hout toe, en de stenen, om dat huis te bouwen.