Opschrijving van de wet en gebod tot zevenjarige voorlezing
Mozes schreef deze wet op en gaf haar aan de priesters, de zonen van Levi, die de ark des verbonds droegen, en aan alle oudsten van Israël. Hij gebood dat elke zeven jaar, in het jaar der vrijlating, op het Loofhuttenfeest, deze wet voor gans Israël voorgelezen moest worden — mannen, vrouwen, kinderen en vreemdelingen.
Jaar
2310 1695 BC
Personen
Bijbelverzen
Deut 31:9-13
9En Mozes schreef deze wet, en gaf ze aan de priesteren, de zonen van Levi, die de ark des verbonds des HEEREN droegen, en aan alle oudsten van Israel. 10En Mozes gebood hun, zeggende: Ten einde van zeven jaren, op den gezetten tijd van het jaar der vrijlating, op het feest der loofhutten. 11Als gans Israel zal komen, om te verschijnen voor het aangezicht des HEEREN, uws Gods, in de plaats, die Hij zal verkoren hebben, zult gij deze wet voor gans Israel uitroepen, voor hun oren; 12Vergadert het volk, de mannen, en de vrouwen, en de kinderen, en uw vreemdelingen, die in uw poorten zijn; opdat zij horen, en opdat zij leren, en vrezen den HEERE, uw God, en waarnemen te doen alle woorden dezer wet. 13En dat hun kinderen, die het niet geweten hebben, horen en leren, om te vrezen den HEERE, uw God, al de dagen, die gij leeft op het land, naar hetwelk gij over de Jordaan zijt heengaande, om dat te erven.