Mozes plaatst het wetboek naast de ark
Toen Mozes voleindigd had de woorden dezer wet in een boek te schrijven, gebood hij de Levieten die de ark des verbonds droegen: 'Neemt dit wetboek en legt het aan de zijde van de ark des verbonds des HEEREN uws Gods, dat het daar zij tot een getuigenis tegen u.' Want hij kende hun weerspannigheid.
Jaar
2310 1695 BC
Personen
Bijbelverzen
Deut 31:24-29
24En het geschiedde, als Mozes voleind had de woorden dezer wet te schrijven in een boek, totdat zij voltrokken waren; 25Zo gebood Mozes den Levieten, die de ark des verbonds des HEEREN droegen, zeggende: 26Neemt dit wetboek, en legt het aan de zijde van de ark des verbonds des HEEREN, uws Gods, dat het aldaar zij ten getuige tegen u. 27Want ik ken uw wederspannigheid, en uw harden nek. Ziet, terwijl ik nog heden met ulieden leve, zijt gij wederspannig geweest tegen den HEERE; hoe veel te meer na mijn dood! 28Vergadert tot mij al de oudsten uwer stammen, en uw ambtlieden; dat ik voor hun oren deze woorden spreke, en tegen hen den hemel en de aarde tot getuigen neme. 29Want ik weet, dat gij het na mijn dood zekerlijk zult verderven, en afwijken van den weg, dien ik u geboden heb; dan zal u dit kwaad in het laatste der dagen ontmoeten, wanneer gij zult gedaan hebben, dat kwaad is in de ogen des HEEREN, om Hem door het werk uwer handen tot toorn te verwekken.