Leven der eerste gemeente
De geloovigen volharden in de leer der apostelen, in de gemeenschap, in de breking des broods en in de gebeden. Alle geloovigen zijn bijeen en hebben alle dingen gemeen; zij verkoopen hunne goederen en deelen ze uit aan allen naar dat elk van noode heeft.
Jaar
4034 30 AD
Plaatsen
Bijbelverzen
Hand 2:42-47
42En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden. 43En een vreze kwam over alle ziel; en vele wonderen en tekenen geschiedden door de apostelen. 44En allen, die geloofden, waren bijeen, en hadden alle dingen gemeen; 45En zij verkochten hun goederen en have, en verdeelden dezelve aan allen, naar dat elk van node had. 46En dagelijks eendrachtelijk in den tempel volhardende, en van huis tot huis brood brekende, aten zij te zamen met verheuging en eenvoudigheid des harten; 47En prezen God, en hadden genade bij het ganse volk. En de Heere deed dagelijks tot de Gemeente, die zalig werden.