Josia's verbondsvernieuwing en voorlezing van de wet

Josia verzamelt alle oudsten en het volk bij de tempel. Hij leest het hele verbondsboek voor en sluit een verbond voor Gods aangezicht om Hem te dienen met heel het hart. Heel Juda stemt in.

Jaar
3139 866 BC

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

2 Kron 34:29-33
29Toen zond de koning henen, en verzamelde alle oudsten van Juda en Jeruzalem. 30En de koning ging op in het huis des HEEREN, en al de mannen van Juda en de inwoners van Jeruzalem, mitsgaders de priesters en de Levieten, en al het volk, van den grote tot den kleine toe; en men las voor hun oren al de woorden van het boek des verbonds, dat in het huis des HEEREN gevonden was. 31En de koning stond in zijn standplaats, en maakte een verbond voor des HEEREN aangezicht, om den HEERE na te wandelen, en om Zijn geboden, en Zijn getuigenissen, en Zijn inzettingen, met zijn ganse hart en met zijn ganse ziel, te onderhouden, doende de woorden des verbonds, die in datzelve boek geschreven zijn. 32En hij deed allen, die te Jeruzalem en in Benjamin gevonden werden, staan; en de inwoners van Jeruzalem deden naar het verbond van God, den God hunner vaderen. 33Josia dan deed alle gruwelen weg uit alle landen, die der kinderen Israels waren, en maakte allen, die in Israel gevonden werden, te dienen; te dienen den HEERE, hun God; al zijn dagen weken zij niet af van den HEERE, den God hunner vaderen, na te volgen.