Jojachin en Zedekia — de laatste koningen

Jojachin regeert drie maanden en wordt naar Babel gevoerd met de kostbare tempelvoorwerpen. Nebukadnezar stelt zijn oom Zedekia aan, die elf jaar regeert. Zedekia verhardde zijn hart en bekeerde zich niet.

Jaar
3162 843 BC

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

2 Kron 36:9-13
9Acht jaren was Jojachin oud, als hij koning werd, en regeerde drie maanden en tien dagen te Jeruzalem, en deed dat kwaad was in de ogen des HEEREN. 10En met de wederkomst des jaars zond de koning Nebukadnezar henen, en liet hem naar Babel halen, met de kostelijke vaten van het huis des HEEREN; en hij maakte zijn broeder Zedekia koning over Juda en Jeruzalem. 11Een en twintig jaren was Zedekia oud, als hij koning werd, en regeerde elf jaren te Jeruzalem. 12En hij deed dat kwaad was in de ogen des HEEREN, zijns Gods; hij verootmoedigde zich niet voor het aangezicht van den profeet Jeremia, sprekende uit den mond des HEEREN. 13Daartoe werd hij ook afvallig tegen den koning Nebukadnezar, die hem beedigd had bij God; en verhardde zijn nek, en verstokte zijn hart, dat hij zich niet bekeerde tot den HEERE, den God Israels.