Jezus vertrouwt Maria toe aan Johannes
Bij het kruis staan Jezus' moeder, de zuster Zijner moeder, Maria van Klopas, en Maria Magdalena. Jezus zegt tot Zijn moeder, ziende den discipel dien Hij liefhad: Vrouw, zie uw zoon. Daarna zegt Hij tot den discipel: Zie uwe moeder. Van dat uur af neemt die discipel haar in zijn huis.
Jaar
4034 30 AD
Personen
Plaatsen
Bijbelverzen
Joh 19:25-27
25En bij het kruis van Jezus stonden Zijn moeder en Zijner moeders zuster, Maria, de vrouw van Klopas, en Maria Magdalena. 26Jezus nu, ziende Zijn moeder, en den discipel, dien Hij liefhad, daarbij staande, zeide tot Zijn moeder: Vrouw, zie, uw zoon. 27Daarna zeide Hij tot den discipel: Zie, uw moeder. En van die ure aan nam haar de discipel in zijn huis.