Inname van Rabba der Ammonieten
Joab verovert Rabba bijna en roept David om de stad definitief in te nemen, zodat de overwinning op Davids naam staat. David neemt de kroon van hun koning.
Jaar
2725 1280 BC
Personen
Plaatsen
Bijbelverzen
2 Sam 12:26-31
26Joab nu krijgde tegen Rabba der kinderen Ammons; en hij nam de koninklijke stad in. 27Toen zond Joab boden tot David, en zeide: Ik heb gekrijgd tegen Rabba, ook heb ik de waterstad ingenomen. 28Zo verzamel gij nu het overige des volks, en beleger de stad, en neem ze in; opdat niet, zo ik de stad zou innemen, mijn naam over haar uitgeroepen worde. 29Toen verzamelde David al dat volk, en toog naar Rabba; en hij krijgde tegen haar, en nam ze in. 30En hij nam de kroon haars konings van zijn hoofd af, welker gewicht was een talent gouds, met edelgesteente, en zij werd op Davids hoofd gezet; ook voerde hij uit een zeer groten roof der stad. 31Het volk nu, dat daarin was, voerde hij uit, en legde het onder zagen, en onder ijzeren dorswagens, en onder ijzeren bijlen, en deed hen door den ticheloven doorgaan; en alzo deed hij aan alle steden der kinderen Ammons. Daarna keerde David, en al het volk, weder naar Jeruzalem.