Gemeenschap van goederen en Barnabas' gave

De menigte der geloovigen is een van hart en ziel. Niemand zegt dat iets van hetgeen hij heeft zijn eigen is, maar zij hebben alle dingen gemeen. Joses, door de apostelen Barnabas genaamd, verkoopt zijnen akker en legt het geld aan de voeten der apostelen.

Jaar
4034 30 AD

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

Hand 4:32-37
32En de menigte van degenen, die geloofden, was een hart en een ziel; en niemand zeide, dat iets van hetgeen hij had, zijn eigen ware, maar alle dingen waren hun gemeen. 33En de apostelen gaven met grote kracht getuigenis van de opstanding van den Heere Jezus; en er was grote genade over hen allen. 34Want er was ook niemand onder hen, die gebrek had; want zovelen als er bezitters waren van landen of huizen, die verkochten zij, en brachten den prijs der verkochte goederen, en legden dien aan de voeten der apostelen. 35En aan een iegelijk werd uitgedeeld, naar dat elk van node had. 36En Joses, van de apostelen toegenaamd Barnabas (hetwelk is, overgezet zijnde, een zoon der vertroosting), een Leviet, van geboorte uit Cyprus, 37Alzo hij een akker had, verkocht dien, en bracht het geld, en legde het aan de voeten der apostelen.