Gelijkenis van de twee zonen
Jezus vertelt de gelijkenis van een man die twee zonen had. De eerste zegt nee maar gaat alsnog werken; de tweede zegt ja maar gaat niet. De tollenaars en hoeren gaan u voor in het Koninkrijk Gods, want zij hebben zich na de prediking van Johannes bekeerd.
Jaar
4034 30 AD
Personen
Plaatsen
Bijbelverzen
Mat 21:28-32
28Maar wat dunkt u? Een mens had twee zonen, en gaande tot den eersten, zeide: Zoon! ga heen, werk heden in mijn wijngaard. 29Doch hij antwoordde en zeide: Ik wil niet; en daarna berouw hebbende, ging hij heen. 30En gaande tot den tweeden, zeide desgelijks, en deze antwoordde en zeide: Ik ga, heer! en hij ging niet. 31Wie van deze twee heeft den wil des vaders gedaan? Zij zeiden tot Hem: De eerste. Jezus zeide tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, dat de tollenaars en de hoeren u voorgaan in het Koninkrijk Gods. 32Want Johannes is tot u gekomen in den weg der gerechtigheid, en gij hebt hem niet geloofd; maar de tollenaars en de hoeren hebben hem geloofd; doch gij, zulks ziende, hebt daarna geen berouw gehad, om hem te geloven.