De ware familie van Jezus
En Zijn broeders en Zijne moeder kwamen, en buiten staande, zonden zij tot Hem en riepen Hem. En de schare zat rondom Hem, en zij zeiden tot Hem: Zie, Uwe moeder en Uwe broeders daar buiten zoeken U. En Hij antwoordde hun en zeide: Wie is Mijn moeder of Mijn broeders? En rondom overzien hebbende die om Hem zaten, zeide Hij: Ziet, Mijn moeder en Mijn broeders. Want zoo wie den wil van God doet, die is Mijn broeder en Mijn zuster en moeder.
Jaar
4031 27 AD
Personen
Bijbelverzen
Mar 3:31-35
31Zo kwamen dan Zijn broeders en Zijn moeder; en buiten staande, zonden zij tot Hem, en riepen Hem. 32En de schare zat rondom Hem; en zij zeiden tot Hem: Zie, Uw moeder en Uw broeders daar buiten zoeken U. 33En Hij antwoordde hun, zeggende: Wie is Mijn moeder, of Mijn broeders? 34En rondom overzien hebbende, die om Hem zaten, zeide Hij: Ziet, Mijn moeder en Mijn broeders. 35Want zo wie den wil van God doet, die is Mijn broeder, en Mijn zuster, en moeder.