De dood van David

David sterft in goede ouderdom, verzadigd van dagen, rijkdom en eer, na 40 jaar over Israël geregeerd te hebben: 7 jaar in Hebron en 33 jaar in Jeruzalem.

Jaar
2746 1259 BC

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

1 Kron 29:26-30
26Zo heeft dan David, de zoon van Isai, geregeerd over gans Israel. 27De dagen nu, die hij geregeerd heeft over Israel, zijn veertig jaren; te Hebron regeerde hij zeven jaren, en te Jeruzalem regeerde hij drie en dertig. 28En hij stierf in goeden ouderdom, zat van dagen, rijkdom en eer; en zijn zoon Salomo regeerde in zijn plaats. 29De geschiedenissen nu van den koning David, de eerste en de laatste, ziet, die zijn geschreven in de geschiedenissen van Samuel, den ziener, en in de geschiedenissen van den profeet Nathan, en in de geschiedenissen van Gad, den ziener; 30Met al zijn koninkrijk, en zijn macht, en de tijden, die over hem verlopen zijn, en over Israel, en over al de koninkrijken der landen.