David veinst waanzin bij Achis van Gath

David vlucht naar Achis, de koning van Gath. De knechten herkennen hem als de David van het lied der tienduizenden. David vreest zeer en verandert zijn gedrag: hij doet zich waanzinnig voor, krabbelt op de deuren en laat speeksel in zijn baard lopen. Achis zendt hem weg.

Jaar
2741 1264 BC

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

1 Sam 21:10-15
10En David maakte zich op, en vluchtte te dien dage van het aangezicht van Saul; en hij kwam tot Achis, den koning van Gath. 11Doch de knechten van Achis zeiden tot hem: Is deze niet David, de koning des lands? Zong men niet van dezen in de reien, zeggende: Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden? 12En David legde deze woorden in zijn hart; en hij was zeer bevreesd voor het aangezicht van Achis, den koning van Gath. 13Daarom veranderde hij zijn gelaat voor hun ogen, en hij maakte zichzelven gek onder hun handen; en hij bekrabbelde de deuren der poort, en hij liet zijn zever in zijn baard aflopen. 14Toen zeide Achis tot zijn knechten: Ziet, gij ziet, dat de man razende is, waarom hebt gij hem tot mij gebracht? 15Heb ik razenden gebrek, dat gij dezen gebracht hebt, om voor mij te razen? Zal deze in mijn huis komen?