Belofte aan Zerubbabel als zegelring

Op den vierentwintigsten dag der negende maand spreekt God tot Haggaï: Ik zal den hemel en de aarde bewegen, tronen der koninkrijken omwerpen en de kracht der koninkrijken der heidenen verdelgen. Te dien dage zal Ik u nemen, Zerubbabel, en u stellen als een zegelring, want Ik heb u verkoren.

Jaar
3241 764 BC

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

Hag 2:21-24
21 Spreek tot Zerubbabel, den vorst van Juda, zeggende: Ik zal de hemelen en de aarde bewegen. 22 En Ik zal den troon der koninkrijken omkeren, en verdelgen de vastigheid van de koninkrijken der heidenen; en Ik zal den wagen omkeren, en die daarop rijden; en de paarden, en die daarop rijden, zullen nederstorten, een iegelijk in des anderen zwaard. 23 Te dien dage, spreekt de HEERE der heirscharen, zal Ik u nemen, o Zerubbabel, gij zoon van Sealthiel, Mijn knecht! spreekt de HEERE, en Ik zal u stellen, als een zegelring; want u heb Ik verkoren, spreekt de Heere der heirscharen.