Aren plukken op den sabbat

De discipelen plukken aren op den sabbat. De Farizeeën klagen hen aan. Jezus verdedigt hen met het voorbeeld van David en zegt: De Zoon des mensen is Heere ook van den sabbat.

Jaar
4032 28 AD

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

Mat 12:1-8
1In dien tijd ging Jezus, op een sabbatdag, door het gezaaide, en Zijn discipelen hadden honger, en begonnen aren te plukken, en te eten. 2En de Farizeen, dat ziende, zeiden tot Hem: Zie, Uw discipelen doen, wat niet geoorloofd is te doen op den sabbat. 3Maar Hij zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen, wat David gedaan heeft, toen hem hongerde, en hun, die met hem waren? 4Hoe hij gegaan is in het huis Gods, en de toonbroden gegeten heeft, die hem niet geoorloofd waren te eten, noch ook hun, die met hem waren, maar den priesteren alleen. 5Of hebt gij niet gelezen in de wet, dat de priesters den sabbat ontheiligen in den tempel, op de sabbatdagen, en nochtans onschuldig zijn? 6En Ik zeg u, dat Een, meerder dan de tempel, hier is. 7Doch zo gij geweten hadt, wat het zij: Ik wil barmhartigheid en niet offerande, gij zoudt de onschuldigen niet veroordeeld hebben. 8Want de Zoon des mensen is een Heere ook van den sabbat.