Afgoderij en hoererij met de Moabitische vrouwen bij Baäl-Peor

Het volk begint hoererij te bedrijven met de dochteren der Moabieten en buigt zich voor hun goden, in het bijzonder Baäl-Peor. Gods toorn ontbrandt. God gebiedt Mozes de hoofden des volks op te hangen. Een plaag breekt uit die 24.000 doden eist.

Jaar
2309 1696 BC

Personen

Plaatsen

Bijbelverzen

Num 25:1-5
1En Israel verbleef te Sittim, en het volk begon te hoereren met de dochteren der Moabieten. 2En zij nodigden het volk tot de slachtofferen harer goden; en het volk at, en boog zich voor haar goden. 3Als nu Israel zich koppelde aan Baal-Peor, ontstak de toorn des HEEREN tegen Israel. 4En de HEERE zeide tot Mozes: Neem alle hoofden des volks, en hang ze den HEERE tegen de zon, zo zal de hittigheid van des HEEREN toorn gekeerd worden van Israel. 5Toen zeide Mozes tot de rechters van Israel: Een iedere dode zijn mannen, die zich aan Baal-Peor gekoppeld hebben!