Hemelse Halleluja's

Armand Gimbrère

Samenvatting

Openbaring 19:1-10 beschrijft het moment tussen het voltooide oordeel over Babylon en de wederkomst van Christus. De hemel barst uit in lofprijzing met vier halleluja's — het enige gebruik van dit woord in het Nieuwe Testament. De vijf redenen voor de halleluja's: de volledige verlossing is gekomen, gerechtigheid zegeviert, de opstand van de mens is permanent voorbij, God regeert als Koning, en de bruiloft van het Lam is gekomen — de vereniging van Christus met Zijn gemeente. Die bruiloft volgt de oude Bijbelse huwelijkstraditie in drie fasen: de verloving (Gods uitverkiezing vóór de grondlegging der wereld), de presentatie (de opname van de gemeente), en de huwelijksceremonie (hier in Openbaring 19). De bruiloft van het Lam wordt in de volgende studie verder uitgewerkt.

Openbaring hoofdstuk 19, verzen 7 tot en met 10, is de tekst die we vanavond zullen bestuderen, terwijl we onze studie van het boek Openbaring voortzetten. Maandenlang hebben we de verschrikkelijke toorn van God die over de wereld zal komen, bestudeerd en proberen te begrijpen. We hebben dertien hoofdstukken behandeld die het komende oordeel beschrijven. Het is droevig en pijnlijk tegelijk om te beseffen wat er zal gebeuren met hen die de Heiland verwerpen. Maar hoewel al dat oordeel een grote rol speelt in de tekst van Openbaring, wil ik jullie eraan herinneren dat het niet het thema van Openbaring is.

We hebben de oordelen met de zegels, de oordelen met de bazuinen en de oordelen met de schalen meegemaakt. We zijn aangekomen bij het moment dat de oordelen voorbij zijn en Jezus Christus hier in hoofdstuk 19, vers 11, zal verschijnen. Maar vóór die verschijning in vers 11 is er een tijd van lofprijzing, en die beslaat de eerste tien verzen van hoofdstuk 19. Het oordeel is voltrokken. Het is tijd voor de Koning en Zijn Koninkrijk. Het is eerst tijd voor lofprijzing. Het is tijd om halleluja te roepen! Daarom is het onderwerp van vanavond: Hemelse halleluja's.

Laten we het gedeelte van vandaag lezen: Openbaring 19:1-10

Vers 1 begint met: En hierna. Dit is een tijdsaanduiding. Een andere vertaling zegt: Na deze dingen. Welke dingen? Na de verwoesting van Babylon aan het einde van de grote verdrukking. En vlak voordat het Koninkrijk van Jezus Christus wordt gevestigd, vlak voordat de Heer terugkeert in vers 11, in die korte tijd tussen de verdrukking en de vestiging van het koninkrijk, is het moment waarop we een blik krijgen in de hemel om deze grote vreugde te zien.

In afwachting van de verwezenlijking van het thema van dit boek, de komst van de Heer Jezus Christus, beseffen de hemelse legermachten dat deze langverwachte realiteit op het punt staat te gebeuren en barsten ze uit in lofzang. Die lofzang hebben we eerder gezien met dezelfde aanwezigen. Openbaring 4:8-11; 5:6-14. Terwijl ze God verheerlijken, prijzen, eren en loven, is men in dit gedeelte nog in afwachting van Zijn komende oordeel en de wederkomst van Christus.

Vanuit Openbaring 19 terugkijkend is dat wat er in de hemel gebeurde, voordat de zeven zegels werden geopend en de oordelen van de tijd van verdrukking plaatsvonden. Wanneer je nu bij hoofdstuk 19 komt, nadat die oordelen zijn afgelopen, gebeurt hetzelfde weer. De hemel is gevuld met lofzang. Allen die God toebehoren, op aarde en in de hemel, heilige engelen en mannen en vrouwen die in Christus geheiligd zijn, hebben verlangd naar dit glorieuze moment waarop Jezus Christus terugkeert om de wereld te regeren met rechtvaardigheid, gerechtigheid, heiligheid en vrede.

De hemel is vervuld van vreugde. Deze vreugde staat in schril contrast met wat we in hoofdstuk 18 hebben gelezen. Daar was geklaag, gehuil en droefheid over de vernietiging van het wereldse systeem. We lazen hoe de wereldleiders en de kooplieden op aarde huilen en treuren omdat hun systeem is verpletterd. De vernietiging van de wereld wordt op aarde als een drama beschouwd, maar in de hemel brengt het vreugde.

De halleluja's

Deze vreugde gaat gepaard met halleluja's. In ons Schriftgedeelte van vandaag wordt het woord 'halleluja' vier keer gebruikt. Het is hier overigens de eerste keer dat het woord 'halleluja' in het hele Nieuwe Testament voorkomt. Wist je dat? Het is alsof tot dit moment gewacht is om de halleluja's te laten klinken.

1. Halleluja, omdat de volledige verlossing gekomen is

Eén van de belangrijkste redenen waarom de hemel zich verheugt en er een luid halleluja klinkt, is het feit dat de volledige verlossing gekomen is. En hierna hoorde ik een luide stem van een grote menigte in de hemel zeggen: 'Halleluja!' Waarom riepen ze halleluja? Halleluja, de zaligheid, de heerlijkheid, de eer en de kracht zij aan de Heere, onze God. Ze riepen halleluja omdat de tijd van de definitieve redding daar was. Het uur van de volledige en definitieve bevrijding van de zonde is aangebroken.

Zoals gezegd komt het woord alleen in dit hoofdstuk van het Nieuwe Testament voor, vier keer en alleen hier. In het Oude Testament wordt het pas voor het eerst gebruikt in Psalm 104:35. Halleluja betekent letterlijk, als je het vertaalt, "Loof de Heer". Dat is wat het betekent. Halleluja is een transliteratie van de Hebreeuwse term, ofwel de klanken uit het Hebreeuws zijn omgezet naar onze taal.

Waar wordt het 'halleluja' in Psalm 104 mee in verband gebracht? Met het oordeel. De eerste keer dat het in het Oude Testament gebruikt wordt, is het een halleluja voor de gevolgen van het oordeel. De zondaars en de goddelozen zullen niks meer te zeggen hebben, ze zullen verdwijnen. En de eerste keer dat het in het Nieuwe Testament gebruikt wordt, is het ook een halleluja met betrekking tot het oordeel. Het is bijna alsof het woord daarvoor gereserveerd is.

Het woord "halleluja" is afgeleid van de twee gedeelten van de Psalmen die we de "Hallel" noemen. We noemen ze de Hallel vanwege Halleluja en hebben betrekking op Psalm 104 tot en met 109 en Psalm 113 tot en met 118. Het Hallel in de Psalmen is een verzameling lof- en dankpsalmen, die in de joodse traditie worden gezongen tijdens grote feesten, zoals Pascha. Het fungeert als een lof- en jubelzang, nauw verbonden met de uittocht uit Egypte. Halleluja is dus een speciaal woord dat is voorbehouden aan de vreugde van hen die door Gods reddende macht van hun vijanden verlost.

2. Halleluja, omdat er recht wordt gedaan

Terug naar Openbaring 19, dan is er nog een tweede reden tot vreugde en lofprijzing en het uitroepen van halleluja: omdat er recht wordt gedaan. Openbaring 19:2-3. Er wordt recht gedaan, omdat Gods oordelen waar en rechtvaardig zijn. Hierin ligt de vreugde van rechtvaardigheid. Hierin ligt de vreugde van gerechtigheid. Een ieder die bidt voor, werkt voor of strijdt voor gerechtigheid en rechtvaardigheid in de wereld, begrijpt en waardeert wat hier gebeurt.

We leven in een maatschappij waarin we voortdurend bedroefd zijn door onrecht, ongelijkheid en onrechtvaardigheid. Door de hele geschiedenis heen zijn de gelovigen bedroefd en hebben zich soms onmachtig gevoeld door onrecht. Ze hebben God gesmeekt om een rechtvaardige wereld, een rechtvaardige maatschappij. En eindelijk is het hier dan zover. Geen wonder dat de hemel jubelt over de realiteit van rechtvaardigheid die op aarde heerst.

Veel rechtvaardigen zijn gestorven in de strijd tegen onrechtvaardigheid. Nu zullen alle onrechtvaardigen sterven in de triomf van de Rechtvaardige. Heiligen hebben altijd gehoopt op deze dag die in dit hoofdstuk wordt aangekondigd… Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar ik ben de onrechtvaardige wereld zat. We vechten er voortdurend tegen. Wij, de gelovigen, haten de zonde omdat God daarmee bespot wordt, en we houden van rechtvaardigheid omdat dat God verheerlijkt. We haten onrechtvaardigheid en we houden van rechtvaardigheid. Godvrezende mensen verlangen naar een wereld van rechtvaardigheid en gerechtigheid; en die wereld, zoals we lezen, lieve mensen, komt eraan. Het voelt als de laatste loodjes. Die zijn zwaar. Daarom is het zaak dat we volharden, dat we elkaar blijven bemoedigen, blijven troosten. Houd vol, geef niet op. Jezus komt ons spoedig halen.

3. Halleluja, omdat de opstand van de mens voorbij is

Ten derde klinken er hemelse halleluja's omdat de opstand van de mens voorbij is. In vers 3 lezen we: En zij — diezelfde hemelse menigte — zeiden voor de tweede keer: Halleluja! Waarom? … haar rook stijgt op in alle eeuwigheid.

Dit is zeer interessant. De eerste halleluja klonk als reactie op het oordeel over Babylon. Opnieuw klinkt er halleluja, maar dit keer niet alleen vanwege het oordeel zelf dat verlossing bracht, maar ook omdat het oordeel permanent is, zoals blijkt uit het feit dat de rook van het oordeel voor eeuwig en altijd opstijgt. Dit doelt op het feit dat het resultaat permanent zal zijn, voor altijd.

De opstand is voorbij. Er zal aan het einde van de duizend jaar nog wel een kleine, korte poging tot rebellie komen — en daar zullen we later nog op terugkomen — die onmiddellijk de kop wordt ingedrukt; en dat is het laatste deel. Maar de heerschappij van de zonde is definitief voorbij. De mens en zijn hoogmoed zal nooit meer de wereld regeren. Hij zal nooit meer de controle hebben. Er zal geen vervolging meer zijn. Het is gedaan met de valse religie. Materialisme zal nooit meer bestaan. Evolutionaire wetenschap is voorbij. Filosofie, psychologie, het is voorbij, het is hier in dit hoofdstuk allemaal verdwenen. Onrecht, onrechtvaardigheid in leiderschap, weg, voorbij, klaar, nooit meer. Het oordeel van God maakt er een einde aan.

De mens is sinds de Hof van Eden in opstand gekomen. Hij heeft zijn wilde en bizarre zondige plannen bedacht, zijn valse religies. Hij heeft de heiligen vervolgd sinds Kaïn Abel doodde; en nu is het voorbij. Dit is waar de heiligen zo lang op hebben gewacht.

4. Halleluja, omdat God de macht heeft overgenomen

Een vierde reden voor halleluja is, omdat God eindelijk de macht heeft overgenomen. Openbaring 19:4-5: Loof onze God is een directe opdracht, aan iedereen. Het verwijst naar gelovigen en wel alle gelovigen die in de hemel zijn. Dus niet alleen de engelen, de vierentwintig oudsten en de vier levende wezens, maar iedereen aanwezig in de hemel wordt opgeroepen God te loven.

En dat doen ze en het effect is gigantisch: Openbaring 19:6. De reeds oorverdovende lofprijzing wordt nóg oorverdovender, en Johannes beschrijft het als het geluid van vele wateren en als het geluid van machtige donderslagen. En waarom prijzen miljoenen heilige engelen en verloste zielen God? Halleluja, want de Heere, de almachtige God, is Koning geworden. Letterlijk staat er: De Heere, de Almachtige God, regeert als koning. Hij heeft de macht overgenomen en met volle soevereine heerschappij regeert de Heer als koning over de hemel en de aarde.

5. Halleluja, omdat de bruiloft van het Lam gekomen is

Als we verder lezen, ontdekken we dat een deel van deze lofprijzing aan de Heer ook voor een andere glorieuze gebeurtenis bedoeld is. Openbaring 19:7-10. Na de halleluja omdat de verlossing gekomen is, na de halleluja omdat gerechtigheid en recht zegevieren, na de halleluja omdat de rebellie voorbij is, en na de halleluja omdat God regeert, is hier halleluja, Loof de Heer, omdat de bruiloft van het Lam gekomen is en Zijn bruid zich gereed heeft gemaakt.

De grootste sociale gebeurtenis in de oude Bijbelse wereld was een bruiloft. Sterker nog, het is waarschijnlijk de grootste sociale gebeurtenis in het grootste deel van de wereld, zoals het altijd al is geweest. Het is die beeldspraak van een bruiloft die de Schrift gebruikt om de vreugdevolle viering te beschrijven die zal plaatsvinden, wanneer Jezus Christus eindelijk en volledig verenigd zal zijn met Zijn geliefde bruid.

Ik wil daar de volgende keer uitgebreider en in detail op ingaan en me nu beperken tot een introductie geven op deze gebeurtenis. Want die prachtige huwelijksmetafoor, bedoeld om de grootsheid van de viering te tonen wanneer de Heer zich verenigt met Zijn geliefde bruid, is te belangrijk om in 10 minuten te bespreken.

In deze metafoor is het Lam van God, de Heer Jezus Christus, de bruidegom en Zijn geliefde gemeente de bruid. Dat zal een glorieuze dag zijn. Het zal een wonderbaarlijke dag zijn, een dag als geen andere, wanneer we verenigd worden met onze Heer in de volheid van die eeuwige heerlijkheid die Hij voor ons heeft voorbereid.

Jezus als bruidegom in het Nieuwe Testament

In het Nieuwe Testament wordt Jezus herhaaldelijk afgebeeld als bruidegom. Op verschillende plekken in onder andere het evangelie van Mattheüs zien we dat in de gelijkenissen de koningszoon en de bruidegom de Heer vertegenwoordigen. Johannes de Doper noemt de Heer Jezus Christus de bruidegom en we kunnen ook lezen in de tweede brief aan de Korintiërs en aan Efeze dat de Heer Jezus als bruidegom verschijnt.

Er bestaat dus geen twijfel over dat op deze bruiloft Degene die als bruidegom wordt voorgesteld niemand minder is dan de Heer Jezus Christus. Het wordt bevestigd in Openbaring 19:7 en 9 waar duidelijk staat: "de bruiloft van het Lam", en het Lam wordt minstens dertig keer in het boek Openbaring gebruikt als verwijzing naar Christus.

De vraag die dan opkomt is: wie is de bruid? Het antwoord vinden we onder meer in 2 Korinthe 11:2; Efeze 5:22-29. Dus hier in hoofdstuk 19 zien we hoe de Heer Jezus Christus wordt verenigd in de voltrekking van het grote huwelijk tussen Hemzelf en Zijn geliefde gemeente.

De drie fasen van een Bijbelse bruiloft

Bruiloften in de oude Bijbelse cultuur bestonden uit drie onderdelen. Er was een verloving, een presentatie, waar de verloofde werd voorgesteld en vervolgens de uiteindelijke huwelijksceremonie. Dit zien we in onze cultuur ook nog terug. Ook wij kennen een verloving, gevolgd door een verlovingsfeest, gevolgd door een huwelijksceremonie.

De verloving

Een verloving vond in die tijd plaats tussen twee ouders. Het was een contract dat ze onderling opstelden, waarin ze hun kinderen aan elkaar beloofden in het huwelijk. Dit gebeurde vaak al vóór de geboorte van de kinderen. Het kwam vaak voor dat twee ouderparen elkaar ontmoetten en beseften dat er een grote verwantschap tussen de families bestond, gemeenschappelijke waarden en levensdoelen, en dat er duidelijk potentie was voor een prachtige vriendschap tussen die families en een mooie band tussen hun kinderen. En zo besloten ze dat kinderen met elkaar zouden trouwen.

Het was zoiets als: "Als ik een zoon krijg, wil ik dat hij met jouw dochter trouwt als jij een dochter krijgt." Want familie was het allerbelangrijkste. Het was belangrijker om voor het gezin te kiezen dan voor het individu. Dat is heel logisch. Het was een bindende, juridische verbintenis en een heel redelijke zaak. Hoe anders dan vandaag. Ze waren wijs genoeg om te beseffen dat als je een huwelijk probeert op te bouwen op de kortstondige verliefdheid en de paniekaanvallen, je ongetwijfeld grote teleurstellingen zult ervaren. Maar als er gedeelde waarden, normen, moraal en overtuigingen zijn die tussen families worden doorgegeven, dan ontstaat er een samenhangende band binnen die relatie. Daarom was de verloving een zeer, zeer belangrijk onderwerp.

We kunnen de verloving in het oude huwelijk dus zien als een illustratie van hoe de Heer Jezus Zijn eigen bruid uitkoos vóór de grondlegging van de wereld. Voordat wij geboren waren, had Hij al een verbond gesloten met God de Vader om ons tot Zijn bruid te nemen.

De presentatie

Het tweede deel van een bruiloft was de presentatie. Dat was het moment waarop de verloofde bruid in het openbaar werd voorgesteld aan alle aanwezigen die met haar bruidegom verbonden waren, en aan de families van beide partijen.

De opname is de presentatie van de bruid. Het moment dat de gemeente wordt weggenomen, worden de levende gelovigen met alle christenen die al gestorven zijn, bijeen verzameld door de Heer Jezus. Met elkaar en met onze verheerlijkte lichamen worden we verenigd met de Heer Jezus in de lucht en als triomferende gemeente in de hemel opgenomen en in volheid gepresenteerd aan alle hemelse legermachten van engelen, aan degenen die tijdens de verdrukking tot geloof gekomen zijn en aan de heiligen uit het Oude Testament.

En dat is volkomen in lijn met hoe dit vroeger ging. De vader had een huis en alle zonen woonden daarin. Als een zoon ging trouwen, bouwden ze soms een vleugel. Als andere zonen trouwden, bouwden ze weer nieuwe vleugels. Dat ging soms net zo lang door tot ze een binnenplaats hadden en de families bij elkaar woonden. Lees Johannes 14:2-3. Het is een heel eenvoudig beeld, maar het draagt het beeld of motief van een bruidegom die weggaat om de plaats gereed te maken en die terugkomt om zijn bruid te halen en haar mee te nemen naar de plaats die hij heeft voorbereid in het huis van Zijn Vader.

En daarom denk ik dat deze beeldspraak buitengewoon nuttig is om de opname van de gemeente te zien als de Heer die komt om Zijn bruid te halen, om Zijn bruid mee te nemen voor de presentatie. Hij presenteert haar allereerst in heerlijkheid, in haar verheerlijkte gedaante — dat wil zeggen, met opgestane lichamen — samen met de opgenomen heiligen.

De huwelijksceremonie

Dan volgt er een tijd van verdrukking, een periode van zeven jaar van verdrukking, en gedurende die tijd, geloof ik, vindt de presentatie plaats. Bij de opname, aan het begin van de verdrukking, wordt de bruid opgenomen in heerlijkheid en gedurende die zeven jaar is er feest, een vreugdevol samenzijn en een wonderbaarlijk feest.

En nu is het tijd voor het laatste avondmaal dat het einde inluidt, en voor de ceremonie zelf, de laatste grote gebeurtenis. En dit is wat we hier hebben als we het hebben over het huwelijk van het Lam, de uiteindelijke, bekronende gebeurtenis. De verloving in het verre verleden, de presentatie wanneer de heiligen in de heerlijkheid worden opgenomen, wordt gevolgd door de laatste grote gebeurtenis, wanneer het huwelijk in al zijn voltrekking wordt voltrokken.

Volgende keer gaan we in meer detail in op de bruiloft van het Lam.

Personen

Historische gebeurtenissen

Profetieën

Plaatsen

Bijbelverzen

Ps 104:35
35De zondaars zullen van de aarde verdaan worden, en de goddelozen zullen niet meer zijn. Loof den HEERE, mijn ziel! Hallelujah!
Joh 14:2-3
2In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen; anderszins zo zou Ik het u gezegd hebben; Ik ga heen om u plaats te bereiden. 3En zo wanneer Ik heen zal gegaan zijn, en u plaats zal bereid hebben, zo kome Ik weder en zal u tot Mij nemen, opdat gij ook zijn moogt, waar Ik ben.
2 Kor 11:2
2Want ik ben ijverig over u met een ijver Gods; want ik heb ulieden toebereid, om u als een reine maagd aan een man voor te stellen, namelijk aan Christus.
Ef 5:22-29
22Gij vrouwen, weest aan uw eigen mannen onderdanig, gelijk aan den Heere; 23Want de man is het hoofd der vrouw, gelijk ook Christus het Hoofd der Gemeente is; en Hij is de Behouder des lichaams. 24Daarom, gelijk de Gemeente aan Christus onderdanig is, alzo ook de vrouwen aan haar eigen mannen in alles. 25Gij mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de Gemeente liefgehad heeft, en Zichzelven voor haar heeft overgegeven; 26Opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord; 27Opdat Hij haar Zichzelven heerlijk zou voorstellen, een Gemeente, die geen vlek of rimpel heeft, of iets dergelijks, maar dat zij zou heilig zijn en onberispelijk. 28Alzo zijn de mannen schuldig hun eigen vrouwen lief te hebben, gelijk hun eigen lichamen. Die zijn eigen vrouw liefheeft, die heeft zichzelven lief. 29Want niemand heeft ooit zijn eigen vlees gehaat, maar hij voedt het, en onderhoudt het, gelijkerwijs ook de Heere de Gemeente.
Openb 4:8-11
8En de vier dieren hadden elkeen voor zichzelven zes vleugelen rondom, en waren van binnen vol ogen; en hebben geen rust dag en nacht, zeggende: Heilig, heilig, heilig is de Heere God, de Almachtige, Die was, en Die is, en Die komen zal. 9En wanneer de dieren heerlijkheid, en eer, en dankzegging gaven Hem, Die op den troon zat, Die in alle eeuwigheid leeft; 10Zo vielen de vier en twintig ouderlingen voor Hem, Die op den troon zat, en aanbaden Hem, Die leeft in alle eeuwigheid, en wierpen hun kronen voor den troon, zeggende: 11Gij Heere, zijt waardig te ontvangen de heerlijkheid, en de eer, en de kracht; want Gij hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil zijn zij, en zijn zij geschapen.
Openb 5:6-14
6En ik zag, en ziet, in het midden van den troon, en van de vier dieren, en in het midden van de ouderlingen, een Lam, staande als geslacht, hebbende zeven hoornen, en zeven ogen; dewelke zijn de zeven geesten Gods, die uitgezonden zijn in alle landen. 7En Het kwam, en heeft het boek genomen uit de rechter hand Desgenen, Die op den troon zat. 8En als Het dat boek genomen had, vielen de vier dieren en de vier en twintig ouderlingen voor het Lam neder, hebbende elk citeren en gouden fiolen, zijnde vol reukwerks, welke zijn de gebeden der heiligen. 9En zij zongen een nieuw lied, zeggende: Gij zijt waardig dat boek te nemen, en zijn zegelen te openen; want Gij zijt geslacht, en hebt ons Gode gekocht met Uw bloed, uit alle geslacht, en taal, en volk, en natie; 10En Gij hebt ons onzen God gemaakt tot koningen en priesteren; en wij zullen als koningen heersen op de aarde. 11En ik zag, en ik hoorde een stem veler engelen rondom den troon, en de dieren, en de ouderlingen; en hun getal was tien duizendmaal tien duizenden, en duizendmaal duizenden; 12Zeggende met een grote stem: Het Lam, Dat geslacht is, is waardig te ontvangen de kracht, en rijkdom, en wijsheid, en sterkte, en eer, en heerlijkheid, en dankzegging. 13En alle schepsel, dat in den hemel is, en op de aarde, en onder de aarde, en die in de zee zijn, en alles, wat in dezelve is, hoorde ik zeggen: Hem, Die op den troon zit, en het Lam, zij de dankzegging, en de eer, en de heerlijkheid, en de kracht in alle eeuwigheid. 14En de vier dieren zeiden: Amen. En de vier en twintig ouderlingen vielen neder, en aanbaden Dengene, Die leeft in alle eeuwigheid.
Openb 19:1-10
1En na dezen hoorde ik als een grote stem ener grote schare in den hemel, zeggende: Halleluja, de zaligheid, en de heerlijkheid, en de eer, en de kracht zij den Heere, onzen God. 2Want Zijn oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig; dewijl Hij de grote hoer geoordeeld heeft, die de aarde verdorven heeft met haar hoererij, en Hij het bloed Zijner dienaren van haar hand gewroken heeft. 3En zij zeiden ten tweeden maal: Halleluja! En haar rook gaat op in alle eeuwigheid. 4En de vier en twintig ouderlingen, en de vier dieren vielen neder, en aanbaden God, Die op den troon zat, zeggende: Amen, Halleluja! 5En een stem kwam uit den troon, zeggende: Looft onzen God, gij al Zijn dienstknechten, en gij, die Hem vreest, beiden klein en groot! 6En ik hoorde als een stem ener grote schare, en als een stem veler wateren, en als een stem van sterke donderslagen, zeggende: Halleluja, want de Heere, de almachtige God, heeft als Koning geheerst. 7Laat ons blijde zijn, en vreugde bedrijven, en Hem de heerlijkheid geven; want de bruiloft des Lams is gekomen, en Zijn vrouw heeft zichzelve bereid. 8En haar is gegeven, dat zij bekleed worde met rein en blinkend fijn lijnwaad; want dit fijn lijnwaad zijn de rechtvaardigmakingen der heiligen. 9En hij zeide tot mij: Schrijf, zalig zijn zij, die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft des Lams. En hij zeide tot mij: Deze zijn de waarachtige woorden Gods. 10En ik viel neder voor zijn voeten, om hem te aanbidden, en hij zeide tot mij: Zie, dat gij dat niet doet; ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, die de getuigenis van Jezus hebben; aanbid God. Want de getuigenis van Jezus is de geest der profetie.