Zelfverdediging van de Joden in het Perzische rijk

Jaar: 3526 479 BC
Type: Slag
Aanval/verdediging: Verdediging
Uitkomst: Overwinning
Tegenstander: Vijanden van de Joden in het Perzische rijk

Na het edict van koning Ahasveros mochten de Joden in het hele Perzische rijk zichzelf verdedigen tegen hun vijanden. Op de 13e Adar versloegen de Joden hun aanvallers in alle provincies; in Susa vochten zij ook op de 14e. In totaal werden 75.810 vijanden gedood (Est 9:16).

Bijbelverzen

Est 8:11
11Dat de koning den Joden toeliet, die in elke stad waren, zich te vergaderen, en voor hun leven te staan, om te verdelgen, om te doden en om om te brengen alle macht des volks en des landschaps, die hen benauwen zou, de kleine kinderen en de vrouwen, en hun buit te roven;
Est 9:1-5
1In de twaalfde maand nu (dezelve is de maand Adar), op den dertienden dag derzelve, toen des konings woord en zijn wet nabij gekomen was, dat men het doen zou, ten dage, als de vijanden der Joden hoopten over hen te heersen, zo is het omgekeerd, want de Joden heersten over hun haters. 2Want de Joden vergaderden zich in hun steden, in al de landschappen van den koning Ahasveros, om de hand te slaan aan degenen, die hun verderf zochten; en niemand bestond voor hen, want hunlieder schrik was op al die volken gevallen. 5De Joden nu sloegen op al hun vijanden, met den slag des zwaards, en der doding, en der verderving; en zij deden met hun haters naar hun welbehagen.
Est 9:16
16De overige Joden nu, die in de landschappen des konings waren, vergaderden, opdat zij stonden voor hun leven, en rust hadden van hun vijanden, en zij doodden onder hun haters vijf en zeventig duizend; maar zij sloegen hun hand niet aan den roof.