Paran

Regio Wikidata

Omschrijving

Een uitgestrekte woestijn in het zuiden van het beloofde land, tussen de Sinaï en Kades-Barnea. Ismaël woonde in de woestijn van Paran (Genesis 21:21). De Israëlieten legerden zich in de woestijn van Paran na het vertrek van de Sinaï (Numeri 10:12, 12:16). Vanuit Paran werden de twaalf verspieders uitgezonden (Numeri 13:3,26). David trok naar de woestijn van Paran na de dood van Samuël (1 Samuël 25:1). Mozes verwees naar Paran in zijn inleiding op Deuteronomium (Deuteronomium 1:1). Habakuk zingt: 'God kwam van Teman, de Heilige van het gebergte Paran' (Habakuk 3:3).

Kaart

Personen

Historische gebeurtenissen

Profetieën

Reizen

Bijbelverzen

Gen 21:21
21En hij woonde in de woestijn Paran; en zijn moeder nam hem een vrouw uit Egypteland.
Num 10:12
12En de kinderen Israels togen op, naar hun tochten, uit de woestijn Sinai; en de wolk bleef in de woestijn Paran.
Num 12:16
16Maar daarna verreisde het volk van Hazeroth, en zij legerden zich in de woestijn van Paran.
Num 13:3
3Mozes dan zond hen uit de woestijn van Paran, naar den mond des HEEREN; al die mannen waren hoofden der kinderen Israels.
Num 13:26
26En zij gingen heen, en kwamen tot Mozes en tot Aaron, en tot de gehele vergadering der kinderen Israels, in de woestijn Paran, naar Kades; en brachten bescheid weder aan hen, en aan de gehele vergadering, en lieten hen de vrucht des lands zien.
Deut 1:1
1Dit zijn de woorden, die Mozes tot gans Israel gesproken heeft, aan deze zijde van de Jordaan, in de woestijn, op het vlakke veld tegenover Suf, tussen Paran en tussen Tofel, en Laban, en Hazeroth, en Dizahab.
1 Sam 25:1
1En Samuel stierf; en gans Israel vergaderde zich, en zij bedreven rouw over hem, en begroeven hem in zijn huis te Rama. En David maakte zich op, en toog af naar de woestijn Paran.
1 Kon 11:18
18En zij maakten zich op van Midian, en kwamen tot Paran, en kwamen in Egypte tot Farao, den koning van Egypte, die hem een huis gaf, en hem voeding toezeide, en hem een land gaf.