Omschrijving
Het Italiaanse schiereiland met Rome als hoofdstad, het hart van het Romeinse Rijk. Aquila en Priscilla kwamen uit Italië nadat keizer Claudius alle Joden uit Rome had verdreven (Handelingen 18:2). Paulus reisde als gevangene naar Italië om voor de keizer te verschijnen (Handelingen 27:1). De Hebreeënbrief vermeldt groeten van de broeders uit Italië (Hebreeën 13:24).
Kaart
Bijbelverzen
Hand 18:2
2En vond een zekeren Jood, met name Aquila, van geboorte uit Pontus, die onlangs van Italie gekomen was, en Priscilla, zijn vrouw, (omdat Claudius bevolen had, dat al de Joden uit Rome vertrekken zouden), en hij ging tot hen;
Hand 27:1
1En als het besloten was, dat wij naar Italie zouden afvaren, leverden zij Paulus en enige andere gevangenen, over aan een hoofdman over honderd, met name Julius van de keizerlijke bende.
Hand 27:6
6En de hoofdman, aldaar een schip gevonden hebbende van Alexandrie, dat naar Italie voer, deed ons in hetzelve overgaan.
Heb 13:24
24Groet al uw voorgangeren, en al de heiligen. U groeten die van Italie zijn.