Hoekpoort
PoortOmschrijving
Een poort in de hoek van de stadsmuur van Jeruzalem. Koning Joas van Israël brak de muur af van de Efraïmpoort tot de Hoekpoort (2 Koningen 14:13). Uzzia bouwde torens bij de Hoekpoort (2 Kronieken 26:9). Jeremia en Zacharia noemen de Hoekpoort in profetieën over het toekomstige herstel van Jeruzalem (Jeremia 31:38, Zacharia 14:10).
Kaart
Bijbelverzen
2 Kon 14:13
13En Joas, de koning van Israel, greep Amazia, den koning van Juda, den zoon van Joas, den zoon van Ahazia, te Beth-Semes, en kwam te Jeruzalem; en hij brak aan den muur van Jeruzalem, van de poort van Efraim tot aan de Hoekpoort, vierhonderd ellen.
2 Kron 25:23
23En Joas, de koning van Israel, greep Amazia, den koning van Juda, den zoon van Joas, den zoon van Joahaz, te Beth-Semes; en hij bracht hem te Jeruzalem, en hij brak aan den muur van Jeruzalem, van de poort van Efraim tot aan de Hoekpoort, vierhonderd ellen.
2 Kron 26:9
9Daartoe bouwde Uzzia torens te Jeruzalem, aan de Hoekpoort en aan de Dalpoort, en aan de hoeken; en hij sterkte ze.
Jer 31:38
38Ziet, de dagen komen, spreekt de HEERE, dat deze stad den HEERE zal herbouwd worden, van den toren Hananeel af tot aan de Hoekpoort.
Zach 14:10
10Dit ganse land zal rondom als een vlak veld gemaakt worden, van Geba tot Rimmon toe, zuidwaarts van Jeruzalem; en zij zal verhoogd en bewoond worden in haar plaats; van de poort van Benjamin af, tot aan de plaats van de eerste poort, tot aan de Hoekpoort toe; en van den toren van Hananeel, tot aan des konings wijnbakken toe.