Omschrijving
Een volk of gebied in het noorden, afstammend van Jafeth (Genesis 10:2-3). In Ezechiëls profetie over Gog en Magog trekt Gomer samen met zijn benden vanuit het uiterste noorden op als bondgenoot in de eindtijdoorlog tegen Israël (Ezechiël 38:6). Gomer wordt vaak geïdentificeerd met de Kimmeriërs.
Kaart
Bijbelverzen
Ez 38:6
6Gomer en al zijn benden, en het huis van Togarma, aan de zijden van het noorden, en al zijn benden; vele volken met u.