Debir 1

Nederzetting

Omschrijving

Een koninklijke Kanaänitische stad in het bergland van Juda, ook bekend als Kirjath-Sefer ('boekenstad'). Jozua veroverde de stad en roeide er de Enakieten uit (Jozua 11:21). Kaleb beloofde zijn dochter Achsa aan wie Kirjath-Sefer zou veroveren; Otniël, zijn neef, nam de stad in en huwde Achsa (Jozua 15:15-17). De stad werd later een levitische stad.

Kaart

Personen

Historische gebeurtenissen

Bijbelverzen

Joz 10:38-39
38Toen keerde Jozua, en gans Israel met hem, naar Debir, en hij krijgde tegen haar. 39En hij nam haar in, met haar koning, en al haar steden, en zij sloegen haar met de scherpte des zwaards, en verbanden alle ziel, die daarin was; hij liet geen overigen overblijven; gelijk als hij aan Hebron gedaan had, alzo deed hij aan Debir en haar koning, en gelijk als hij aan Libna en haar koning gedaan had;
Joz 11:21
21Te dier tijde nu kwam Jozua, en roeide de Enakieten uit, van het gebergte, van Hebron, van Debir, van Anab, en van het ganse gebergte van Juda, en van het ganse gebergte van Israel; Jozua verbande hen met hun steden.
Joz 12:13
13De koning van Debir, een; de koning van Geder, een;
Joz 15:15-16
15En van daar toog hij opwaarts tot de inwoners van Debir, (de naam van Debir nu was te voren Kirjath-Sefer). 16En Kaleb zeide: Wie Kirjath-Sefer zal slaan, en nemen haar in, dien zal ik ook mijn dochter Achsa tot een vrouw geven.
Joz 15:49
49En Danna, en Kirjath-Sanna, die is Debir,
Joz 21:15
15En Holon en haar voorsteden, en Debir en haar voorsteden;
Recht 1:11-12
11En van daar was hij heengetogen tegen de inwoners van Debir; de naam nu van Debir was te voren Kirjath-Sefer. 12En Kaleb zeide: Wie Kirjath-Sefer zal slaan, en haar innemen, dien zal ik ook mijn dochter Achsa tot een vrouw geven.
1 Kron 6:58
58En Hilen en haar voorsteden, en Debir en haar voorsteden,