Bethanië
NederzettingKaart
Bijbelverzen
Mat 21:17
17En hen verlatende, ging Hij van daar uit de stad, naar Bethanie, en overnachtte aldaar.
Mat 26:6
6Als nu Jezus te Bethanie was, ten huize van Simon, de melaatse,
Mar 11:1
1En toen zij Jeruzalem genaakten, te Beth-fage en Bethanie, aan den Olijfberg, zond Hij twee van Zijn discipelen uit,
Mar 11:11
11En Jezus kwam binnen Jeruzalem, en in den tempel; en als Hij alles rondom bezien had, en het nu avondstond was, ging Hij uit naar Bethanie met de twaalven.
Luc 19:29
29En het geschiedde, als Hij nabij Beth-fage en Bethanie gekomen was, aan den berg, genaamd den Olijfberg, dat Hij twee van Zijn discipelen uitzond,
Luc 24:50
50En Hij leidde hen buiten tot aan Bethanie, en Zijn handen opheffende, zegende Hij hen.
Joh 11:1
1En er was een zeker man krank, genaamd Lazarus, van Bethanie, uit het vlek van Maria en haar zuster Martha.
Joh 11:18
18(Bethanie nu was nabij Jeruzalem, omtrent vijftien stadien van daar.)
Joh 12:1
1Jezus dan kwam zes dagen voor het pascha te Bethanie, daar Lazarus was, die gestorven was geweest, welken Hij opgewekt had uit de doden.