Omschrijving
Een stad ten oosten van de Jordaan, oorspronkelijk toebehorend aan Moab, later veroverd door de Amorieten en vervolgens door Israël ingenomen. De stad werd door de stam Ruben herbouwd onder een andere naam (Numeri 32:38). Ezechiël noemt Baäl-Meon als onderdeel van het oordeel over Moab (Ezechiël 25:9). In de Mesasteen wordt de stad ook genoemd.
Kaart
Bijbelverzen
Num 32:38
38En Nebo, en Baal-Meon, veranderd zijnde van naam, en Sibma; en zij noemden de namen der steden, die zij bouwden, met andere namen.
Joz 13:17
17Hesbon en al haar steden, die in het vlakke land zijn, Dibon, en Bamoth-Baal, en Beth-Baal-meon,
1 Kron 5:8
8En Bela, de zoon van Azaz, den zoon van Sema, den zoon van Joel, die woonde te Aroer, en tot aan Nebo, en Baal-Meon,
Ez 25:9
9Daarom, ziet, Ik zal de zijde van Moab openen, van de steden af, van zijn steden, die van zijn grenzen af zijn, het sieraad des lands, Beth-Jesimoth, Baal-Meon, en tot Kiriathaim toe;