Mahela

Vrouw

Naam

Alternatieve spelling Mahlah
Betekenis naam [misschien] weak

Familie

Vader Zelafead
Broers & zussen Hogla Machla Milka Noa Tirza
Geboortejaar
Leeftijd
Voorouders
28
generaties
Nakomelingen

Num 26:33 Staten Vertaling (SV)

33Doch Zelafead, de zoon van Hefer, had geen zonen, maar dochters; en de namen der dochteren van Zelafead waren: Machla en Noa, Hogla, Milka en Tirza.

Num 27:1 Staten Vertaling (SV)

1Toen naderden de dochteren van Zelafead, den zoon van Hefer, den zoon van Gilead, den zoon van Machir, den zoon van Manasse, onder de geslachten van Manasse, den zoon van Jozef (en dit zijn de namen zijner dochteren: Machla, Noa, en Hogla, en Milka, en Tirza);

Num 36:11 Staten Vertaling (SV)

11Want Machla, Thirza, en Hogla, en Milka, en Noa, dochteren van Zelafead, zijn den zonen harer ooms tot vrouwen geworden.

Joz 17:3 Staten Vertaling (SV)

3Zelafead nu, de zoon van Hefer, den zoon van Gilead, den zoon van Machir, den zoon van Manasse, had geen zonen, maar dochters; en dit zijn de namen zijner dochteren: Machla en Noa, Hogla, Milka en Tirza.

1 Kron 7:18 Staten Vertaling (SV)

18Belangende nu zijn zuster Molecheth, zij baarde Ishod, en Abiezer, en Mahela.

Bijbelverzen

Num 26:33
33Doch Zelafead, de zoon van Hefer, had geen zonen, maar dochters; en de namen der dochteren van Zelafead waren: Machla en Noa, Hogla, Milka en Tirza.
Num 27:1
1Toen naderden de dochteren van Zelafead, den zoon van Hefer, den zoon van Gilead, den zoon van Machir, den zoon van Manasse, onder de geslachten van Manasse, den zoon van Jozef (en dit zijn de namen zijner dochteren: Machla, Noa, en Hogla, en Milka, en Tirza);
Num 36:11
11Want Machla, Thirza, en Hogla, en Milka, en Noa, dochteren van Zelafead, zijn den zonen harer ooms tot vrouwen geworden.
Joz 17:3
3Zelafead nu, de zoon van Hefer, den zoon van Gilead, den zoon van Machir, den zoon van Manasse, had geen zonen, maar dochters; en dit zijn de namen zijner dochteren: Machla en Noa, Hogla, Milka en Tirza.
1 Kron 7:18
18Belangende nu zijn zuster Molecheth, zij baarde Ishod, en Abiezer, en Mahela.