Herodes Antipas

Mat 14:5-11 Staten Vertaling (SV)

5En willende hem doden, vreesde hij het volk, omdat zij hem hielden voor een profeet.

7Waarom hij haar met ede beloofde te geven, wat zij ook eisen zou.

9En de koning werd bedroefd; doch om de eden, en degenen, die met hem aanzaten, gebood hij, dat het haar zou gegeven worden;

11En zijn hoofd werd gebracht in een schotel, en het dochtertje gegeven; en zij droeg het tot haar moeder.

Luc 23:6-12 Staten Vertaling (SV)

6Als nu Pilatus van Galilea hoorde, vraagde hij, of die Mens een Galileer was?

7En verstaande, dat Hij uit het gebied van Herodes was, zond hij Hem heen tot Herodes, die ook zelf in die dagen binnen Jeruzalem was.

8En als Herodes Jezus zag, werd hij zeer verblijd; want hij was van over lang begerig geweest Hem te zien, omdat hij veel van Hem hoorde; en hoopte enig teken te zien, dat van Hem gedaan zou worden.

9En hij vraagde Hem met vele woorden; doch Hij antwoordde hem niets.

10En de overpriesters en de Schriftgeleerden stonden, en beschuldigden Hem heftiglijk.

11En Herodes met zijn krijgslieden Hem veracht en bespot hebbende, deed Hem een blinkend kleed aan, en zond Hem weder tot Pilatus.

12En op denzelfde dag werden Pilatus en Herodes vrienden met elkander; want zij waren te voren in vijandschap tegen den anderen.

Historische gebeurtenissen

Bijbelverzen

Mat 14:5-11
5En willende hem doden, vreesde hij het volk, omdat zij hem hielden voor een profeet. 7Waarom hij haar met ede beloofde te geven, wat zij ook eisen zou. 9En de koning werd bedroefd; doch om de eden, en degenen, die met hem aanzaten, gebood hij, dat het haar zou gegeven worden; 11En zijn hoofd werd gebracht in een schotel, en het dochtertje gegeven; en zij droeg het tot haar moeder.
Luc 23:6-12
6Als nu Pilatus van Galilea hoorde, vraagde hij, of die Mens een Galileer was? 7En verstaande, dat Hij uit het gebied van Herodes was, zond hij Hem heen tot Herodes, die ook zelf in die dagen binnen Jeruzalem was. 8En als Herodes Jezus zag, werd hij zeer verblijd; want hij was van over lang begerig geweest Hem te zien, omdat hij veel van Hem hoorde; en hoopte enig teken te zien, dat van Hem gedaan zou worden. 9En hij vraagde Hem met vele woorden; doch Hij antwoordde hem niets. 10En de overpriesters en de Schriftgeleerden stonden, en beschuldigden Hem heftiglijk. 11En Herodes met zijn krijgslieden Hem veracht en bespot hebbende, deed Hem een blinkend kleed aan, en zond Hem weder tot Pilatus. 12En op denzelfde dag werden Pilatus en Herodes vrienden met elkander; want zij waren te voren in vijandschap tegen den anderen.