Verdediging van Paulus voor Agrippa en Bernice

Type: Toespraak/Preek
Volgorde: 76
Locatie: Caesarea

Voor koning Agrippa en Bernice hield Paulus een uitgebreide verdedigingstoespraak, waarbij hij zijn leven als Farizeeër, zijn bekering op de weg naar Damascus en zijn zendingsopdracht beschreef. Agrippa zei dat Paulus hem bijna overtuigde christen te worden. Zij concludeerden dat hij niets gedaan had wat dood of boeien verdiende.

Bijbelverzen

Hand 26:1-2
1En Agrippa zeide tot Paulus: Het is u geoorloofd voor uzelven te spreken. Toen strekte Paulus de hand uit, en verantwoordde zich aldus: 2Ik acht mijzelven gelukkig, o koning Agrippa, dat ik mij heden voor u zal verantwoorden van alles, waarover ik van de Joden beschuldigd word;
Hand 26:19
19Daarom, o koning Agrippa, ben ik dat Hemels gezicht niet ongehoorzaam geweest;
Hand 26:27-31
27Gelooft gij, o koning Agrippa, de profeten? Ik weet dat gij ze gelooft. 28En Agrippa zeide tot Paulus: Gij beweegt mij bijna een Christen te worden. 31En aan een zijde gegaan zijnde, spraken zij tot elkander, zeggende: Deze mens doet niets des doods of der banden waardig.

Betrokken personen