Gelijkenis van de Farizeeër en de tollenaar

Categorie: Genade
Volgorde: 37
Jaar: 3999 6 BC

Een Farizeeër bidt in de tempel trots over zijn eigen vroomheid, terwijl een tollenaar nederig om genade bidt en zijn borst slaat. Jezus verklaart de tollenaar gerechtvaardigd naar huis te gaan, want wie zichzelf verhoogt zal vernederd worden en wie zichzelf vernedert zal verhoogd worden.

Bijbelverzen

Luc 18:9-14
9En Hij zeide ook tot sommigen, die bij zichzelven vertrouwden, dat zij rechtvaardig waren, en de anderen niets achtten, deze gelijkenis: 10Twee mensen gingen op in den tempel om te bidden, de een was een Farizeer, en de ander een tollenaar. 11De Farizeer, staande, bad dit bij zichzelven: O God! ik dank U, dat ik niet ben gelijk de anderen mensen, rovers, onrechtvaardigen, overspelers; of ook gelijk deze tollenaar. 12Ik vast tweemaal per week; ik geef tienden van alles, wat ik bezit. 13En de tollenaar, van verre staande, wilde ook zelfs de ogen niet opheffen naar den hemel, maar sloeg op zijn borst, zeggende: O God! wees mij zondaar genadig! 14Ik zeg ulieden: Deze ging af gerechtvaardigd in zijn huis, meer dan die; want een ieder, die zichzelven verhoogt, zal vernederd worden, en die zichzelven vernedert, zal verhoogd worden.