Hebreeën

Ontvanger: Hebreeuwse christenen
Jaar: 68 AD
Bijbelboek: Heb

Een theologisch meesterwerk dat de superioriteit van Christus boven het gehele Oude Testament aantoont: boven de engelen, Mozes, Aäron en het levitische priesterschap. Christus is de hogepriester naar de orde van Melchizedek.

Onderwerpen

1. Christus verheven boven de engelen

God heeft in het laatst der dagen tot ons gesproken door Zijn Zoon; Hij is zoveel beter dan de engelen als Hij een uitnemender naam geërfd heeft.

Heb 1:1
1God, voortijds veelmaal en op velerlei wijze, tot de vaderen gesproken hebbende door de profeten, heeft in deze laatste dagen tot ons gesproken door den Zoon;
Heb 2:18
18Want in hetgeen Hij Zelf, verzocht zijnde, geleden heeft, kan Hij dengenen, die verzocht worden, te hulp komen.

2. Christus verheven boven Mozes en het hogepriesterschap van Aäron

Jezus is meer heerlijkheid waardig dan Mozes; Hij is een barmhartig en getrouw hogepriester.

Heb 3:1
1Hierom, heilige broeders, die der hemelse roeping deelachtig zijt, aanmerkt den Apostel en Hogepriester onzer belijdenis, Christus Jezus;
Heb 5:10
10En is van God genaamd een Hogepriester, naar de ordening van Melchizedek.

3. Christus hogepriester naar de orde van Melchizedek

Melchizedek als type van Christus; het hogepriesterschap van Christus overtreft het levitische priesterschap.

Heb 5:11
11Van Denwelken wij hebben vele dingen, en zwaar om te verklaren, te zeggen, dewijl gij traag om te horen geworden zijt.
Heb 7:28
28Want de wet stelt tot hogepriesters mensen, die zwakheid hebben; maar het woord der eedzwering, die na de wet is gevolgd, stelt den Zoon, Die in der eeuwigheid geheiligd is.

4. Het nieuwe verbond en het betere offer

Christus is Middelaar van een beter verbond; Zijn offer is eens en voor altijd gebracht in tegenstelling tot de herhaaldelijke offers van de wet.

Heb 8:1
1De hoofdsom nu der dingen, waarvan wij spreken, is, dat wij hebben zodanigen Hogepriester, Die gezeten is aan de rechter hand van den troon der Majesteit in de hemelen:
Heb 10:18
18Waar nu vergeving derzelve is, daar is geen offerande meer voor de zonde.

5. Oproep tot volharding in het geloof

Laat ons naderen met een waarachtig hart; de zonde van het willens zondigen na de kennis der waarheid; de held der geloofsgetuigen.

Heb 10:19
19Dewijl wij dan, broeders, vrijmoedigheid hebben, om in te gaan in het heiligdom door het bloed van Jezus,
Heb 12:3
3Want aanmerkt Dezen, Die zodanig een tegenspreken van de zondaren tegen Zich heeft verdragen, opdat gij niet verflauwt en bezwijkt in uw zielen.

6. De tucht Gods en het hemelse Jeruzalem

Wat de Heere liefheeft kastijdt Hij; wij zijn genaderd tot de berg Sion en het hemelse Jeruzalem.

Heb 12:4
4Gij hebt nog tot den bloede toe niet tegengestaan, strijdende tegen de zonde;
Heb 12:29
29Want onze God is een verterend vuur.

7. Praktische vermaningen en slot

Laat de broederliefde blijven; gedenkt uw voorgangers; Jezus Christus gisteren en heden dezelfde en tot in eeuwigheid.

Heb 13:1
1Dat de broederlijke liefde blijve.
Heb 13:25
25De genade zij met u allen. Amen.